Maria
Tenhemelopneming is in de Orthodoxe en Katholieke Kerk de feestdag van
de opneming "met lichaam en ziel" van Maria in de hemel.
In het
dagelijks taalgebruik wordt Maria Tenhemelopneming ook wel Maria
Hemelvaart genoemd. Het is evenwel niet zo dat Maria uit eigen kracht
"ten hemel gevaren" is, zoals dat geldt voor haar Zoon (Hemelvaart).
Het
feest lijkt zich te hebben ontwikkeld uit de jaarlijkse viering van de
wijding van een Maria-kerk tussen Jeruzalem en Betlehem. Dit feest werd
zeker al rond 430 gevierd.
In de Katholieke Kerk wordt het sinds
ongeveer 700 gevierd als een hoogfeest, in de Orthodoxie is het al ruim
een eeuw eerder als feestdag bekend. Het geloof in de Ten Hemelopneming
van Maria dateert uit de oudheid en is tenminste al sinds de 6e eeuw
gedocumenteerd. De vermelding in bijvoorbeeld de Transitus
Mariae-geschriften uit die periode zijn weliswaar van geen betekenis
als historisch getuigschrift, maar geven wel aan dat de dood van Maria
als theologische vraagstelling actueel was.
Voor de Latijnse
Kerk verkondigde paus Pius XII in 1950 de Tenhemelopneming van Maria
als dogma fidei en legde dit neer in de Apostolische Constitutie
Munificentissimus Deus. Voor de Oosterse Kerk geldt geen specifieke
dogmatische formulering van de tenhemelopneming en wordt dit
traditioneel aangeduid met het "Ontslapen van Maria" of het "Ontslapen
van de Moeder Gods".
In de christelijke iconografie verwijst het
woord naar de voorstelling van Jezus die zijn overleden moeder Maria
ten hemel voert. In de Orthodoxe Kerken worden bij deze voorstelling
vaak simultaan drie gebeurtenissen uitgebeeld:
- 1: het inslapen (dormitio) van Maria met de apostelen rond haar sterfbed vergaderd, - 2: de eigenlijke tenhemelopneming, - 3: de kroning van Maria in de hemel (hetgeen ook deel uitmaakt van de Mariale devotie in de Katholieke Kerk).